24 mrt 2013

Verslag numero 3!


Akwaabo,

Mijn excuses al voor de lengte van dit blogbericht. Maar het is volgens mij nog wat langer dan de vorige. Ik heb dan ook van 3 weken verslag uit te brengen… In ieder geval: veel leesplezier!

Vrijdag 1 – zondag 3 maart 2013 * Relax, take it easy
Na een trotrotocht van 3u van mijn dorpje Ayensuako naar Accra, met enkele overstappen, kwam ik aan bij Labadi Beach waar Pauline, Anne en Iris (3 Nederlandse meisjes) waren. Zon, zee, strand, de perfecte start van een relaxt luxeweekendje. Labadi Beach is zeker een toeristische trekpleister aan het worden, de hotels rijzen er meer en meer uit de grond, om de 5 minuten staan ze naast je om iets te verkopen. Zo kreeg ik ook een gepersonaliseerd reggealiedje van 3 muzikanten. Uiteindelijk wouden ze geld, maar het trucje van “ik heb nu geen geld bij” werkte… (Ook al was het leuk zo’n gepersonaliseerd liedje, ik ben maar een arm studentje hé, kan niet aan alles en iedereen geld geven.)

Tegen de avond trokken we richting Osu, de wijk in Accra waar vele restaurantjes e.d. zijn. Eerst zijn we naar het Italiaanse ijssalon gegaan waar Pauline en ik vorige keer een heerlijk ijsje hadden gegeten. Na een taalfoutje in het Engels van Iris (“2 balls please”), de bijhorende lachbui en een heerlijk ijsje later zijn we op zoek gegaan naar een slaapplek. In de Bradt-guide hebben we enkele hostels/hotels gezocht die redelijk van prijs waren, hen opgebeld en uiteindelijk kwamen we terecht bij Blue Royal Hotel. Pure luxe voor ons: een grote kamer, badkamer met bad, super kingsize bed, airco… Na een verkwikkende douche moesten we onze maagjes nog vullen (een ijsje alleen is natuurlijk niet genoeg) en kwamen we terecht bij ‘El Paso’, een Mexicaans restaurant. Een alcoholvrije mojito en een bordje nacho’s als starter, niet slecht. We hadden daarmee allemaal al bijna genoeg, maar er kwam nog een hoofdgerecht aan: fajitas met scampi’s. Veel te veel, maar het heeft daarom absoluut niet minder gesmaakt. Het was al tegen 23u30 als we het restaurant verlieten en in ons bedje kropen. Het zou niet zo’n lange nacht worden, want tegen 6u30 gingen we onze wekker zetten om richting Xavi te vertrekken.

De volgende ochtend, een ontbijtje met cornflakes en pannenkoeken, nadien richting een trotrostation om gedurende 3,5u in de trotro te zitten richting Akatsi. Daar zouden we dan een taxi nemen richting Xavi. We waren nog maar een half uurtje onderweg, of Iris kreeg een schitterend idee (bleek later). Toen zij en Anne richting Ghana kwamen, hadden ze een andere Nederlander ontmoet, Jappe, die hier werkt (8 weken hier, 3 weken thuis, 8 weken hier,…). Hij werkt hier in de haven, heeft een chauffeur,… (Leeft hier eigenlijk in luxe.) Hij had zijn nummer aan Iris en Anne doorgegeven voor moesten ze eens in Accra zijn en iets leuks willen weten om te eten/drinken. Het eerste plan was dus de hele dag met de trotro te doen, het plan van Iris was om de heenrit met de trotro te gaan en dan aan Jappe te vragen of zijn chauffeur ons ’s avonds wou komen halen. Uiteindelijk zijn de uit de trotro gestapt en kwam Jappe niet veel later aangereden in een geblindeerde Mercedesjeep met airco. Een uitstapje met privéchauffeur dus… Een hele lange rit, maar met airco, mooi landschap, zelfs Milk Inc als muziek en langs de kant een gekantelde trotro kwamen we via een stoffig zandwegje aan in Xavi. Natuurlijk moest het lukken dat het EcoTourism Center gesloten was. Maar na een telefoontje stond er snel een gids. Hij wou eerst dat we te voet gingen richting de rivier voor de kanotocht, maar Jappe wou zijn auto daar zo niet laten staan. Gelukkig deden we dat niet, want het was toch een eindje lopen in die hitte. Toen de gids de kano in het water duwde, sijpelde er langs verschillende kanten al snel water binnen. Ze vonden dat duidelijk geen probleem, “lijmde” de spleetjes gewoon dicht met modder/klei en zeiden dat we (met 3) konden instappen. Binnen de kortste keren stonden mijn voeten onder water en zat ik met een klein potje de hele rit water uit de boot te scheppen. Ondanks het water-insijpel-probleem heb ik toch genoten van de omgeving, de rustgevende natuur. Ondanks dat het toch een mooi kanotochtje was, vonden we allemaal dat Xavi niet de moeite waard was om zo ver te rijden, geen aanrader dus.

Nadien begonnen we aan onze terugtocht. Net zoals bij het heen gaan moesten we politiecontroles passeren. Corrupte mensen, bij het opgaan hadden we één van de agenten 10 cedi onder de neus geschoven zodat we zonder probleem konden doorrijden. In het terugkomen moesten we opnieuw aan kant. Deze keer moest Jappe de autopapieren afgeven en uitstappen. Een heel gedoe: ze beweerden dat de autopapieren niet in orde waren en wouden ons niet laten verder rijden. Omkopen is dan het ding om verder te mogen, maar het was geen makkelijk manneke, met 50 cedi was hij niet tevreden. Hij zei zelf eerst iets van 600 cedi en rechtbank, uiteindelijk heeft hij 100 cedi aangenomen (veel te veel, maar ja), kon dan plots lachen en liet ons doorrijden.

Na zo’n hele dag in de auto en een kanotochtje in de hitte, zagen we het wel zitten om nog ergens een verfrissende duik te gaan nemen. Jappe wist een hotel met zwembad zijn in het havengebied, waar we eerst iets gedronken hebben, dan een plonsje gedaan en iets gegeten. Het voelde precies of we zaten op vakantie: eten in een mooi hotel met op de achtergrond de kabbelende golven van de zee. Toen onze buikjes rond waren gegeten zijn we eerst naar het gigantische huis gegaan waar Jappe woont (bij een Nederlander en Nigeriaanse thuis), gewacht tot hij gedoucht was, en nadien door zijn chauffeur naar ons hotel gebracht waar wij het zweet en vuil van ons hebben afgespoeld. Jappe en zijn chauffeur hebben buiten op ons gewacht, want we gingen nog een stapje in het Ghanese uitgangsleven zetten: de club FireFly. Niet ver van ons hotel, een plek waar vooral niet-Afrikanen die in Ghana werken vertoeven. Een hele leuke avond gehad tot in de vroege uurtjes, en nadien terug door Jappe’s chauffeur aan ons hotel afgezet (die man heeft ocharme de hele nacht in zijn auto gewacht).

Een paar uurtjes slapen, skypen met het thuisfront (wat de batterijen weer wat extra heeft opgeladen), een laatste goede douche en we moesten uit onze kamer. Ondanks dat het al na 13u was, moesten we nog ontbijten. De vorige avond hadden Pauline en ik een bakkerij gezien niet ver van FireFly. Daar, een Délifrance, zijn we dan gaan ontbijten: lekker Westers ontbijtje! Voor we terug naar onze gastgezinnen gingen, zijn we nog naar de Shopping Mall gegaan want we wouden nog wat boodschappen doen. Na de boodschappen was de trotrotocht richting het trotrostation (voor een gepaste trotro richting Kasoa) een avontuur: we hoorden iets vallen, reden plots een straat in die we niet moesten inrijden en iedereen moest uitstappen. Blijkbaar was de rem van het onderstel gevallen! De “mate” (de man die het geld ontvangt in de trotro) is het stuk nog van straat gaan halen… De chauffeur was ondertussen een andere trotro aan het regelen zodat iedereen toch op zijn bestemming kon geraken. Niet veel later zaten we in een andere trotro richting Kasoa. Tegen we daar waren begon de zon al stilletjes aan weg te gaan, en ik moest nog een uurtje richting Ayensuako. Het duurde dan ook nog even voor er een geschikte trotro was (gelukkig was er een jongen die ook mijn richting uit moest en mij vergezelde in de zoektocht naar de juiste trotro). Na 19u ben ik dan in de pikkedonkere “thuis” gekomen. Ik werd opnieuw door iedereen met open armen en een brede lach op het gezicht ontvangen, de mensen in het dorp hadden blijkbaar het hele weekend gevraagd waar ik was, ze dachten dat ik terug naar België was.

Ik had er een geweldig weekend opzitten, maar Alice van het gastgezin duidelijk niet. Ze zou komende dinsdag en woensdag (5 en 6 maart) naar een vriend in Cape Coast gaan, maar vrijdag (1 maart) kreeg ze telefoon dat hij dood was. De man had onderweg naar een begrafenis een auto-ongeluk gehad, de auto was helemaal uitgebrand en hij en de andere inzittenden zijn verkoold. Vreselijk nieuws! Daarbovenop kwam dan nog eens dat Alice in de nacht van vrijdag op zaterdag hevige maagproblemen kreeg, zodat ze zaterdag naar het ziekenhuis moest. Daar nog problemen gehad met de testresultaten (ze zouden verdwenen zijn of zoiets). Kortom, zij heeft een heel minder leuk weekend gehad dan mij…

Maandag 4 – vrijdag 8 maart 2013 * Nieuwe stageweek
Maandag na het ontbijt, tegen 8u, trok ik richting de basisschool, want ik zou mijn eerste kunsteducatieve sessies geven. Het ochtendritueel op school vond ik wel tof om te zien. Niet alle leerlingen zijn op tijd op school, maar het was al interessant om te zien hoe de aanwezige leerlingen per klas in 2 rijen staan (armlengte van elkaar) en gebedjes en liederen zingen. Na een kledijcontrole van één van de leerkrachten gingen ze per klas, marcherend richting hun klaslokaal. Mijn eerste sessie emoties/expressie was voor klas 4. Ik dacht, omdat de leerlingen les krijgen in het Engels, dat ze mij wel gingen verstaan, maar dat was helemaal niet zo. Ten eerste omdat mijn Engels anders klinkt dan dat van hen (ze spreken woorden anders uit) en ten tweede omdat veel toch nog in het Twi wordt uitgelegd tijdens de lessen. De leerkracht heeft alles dus vertaald, maar denk dat hij ook niet altijd alles begreep, want de oefeningen waren niet altijd zoals ik ze had uitgelegd. Maar goed, na ongeveer een uurtje vond ik dat ze goed hadden gewerkt en heb mijn sessie afgerond. Het was voor de leerlingen opnieuw het moment om te oefenen voor 6 maart (Independence Day). Na het oefenen van het marcheren kreeg ik de oudsten, klas 6. Deze keer had ik mij in de klas gezet (om zo minder andere kinderen rond ons te hebben), en dat werkte toch wat beter. Ook deze klas begreep mijn Engels niet altijd, dus vertaalde de leerkracht weer alles. Deze keer werden de oefeningen wel uitgelegd zoals ik uitgelegd had. Maar wegens het Engelse niveau heb ik ter plekke wat moeten wijzigen. Ondanks de taalmoeilijkheden was het toch wel heel fijn. Heb vaak moeten lachen met hoe de kinderen reageerden, hoe ze meededen, ook zij hebben vaak gelachen… Het was absoluut niet een heel goede sessie, in België zou ik hier helemaal niet tevreden mee zijn, maar voor een eerste keer in Ghana vond ik het toch wel geslaagd, hopelijk de klassen ook. En ik weet nu ook waar ik volgende keren rekening mee kan houden…

Toen ik in de namiddag door het dorp liep, kwamen er zoals altijd kindjes naar mij. Soms willen ze mij dan een hand geven, net zoals deze keer. En één jongetje was echt super schattig: hij gaf mij een hand en dan een kus op de hand. Ze kunnen mij hier soms toch doen blozen door hun handelingen, zowel kinderen als volwassenen. Dit jongetje bijvoorbeeld, of vrouwen (en kinderen) die mij begroeten door door hun knieën te gaan… Die buiging vind ik er persoonlijk over, ik denk dan altijd “Ik ben de koningin toch niet?!”, maar leg het die mensen die amper Engels kunnen eens uit dat ik niet meer ben dan hun.

Maandagavond kroop ik moe maar voldaan in m’n bed. Tegen 1u30 werd ik wakker door de regen. Eerst begon het stilletjes, dan harder, met natuurlijk tot gevolg dat het opnieuw binnen regende in m’n kamer. Alle spullen dan maar in het midden van de nacht zitten verplaatsen van de kamer waar m’n bed staat naar mijn “ontspanningskamer met zeteltjes en tafeltje”. De regenbuien die al geweest waren, waren meestal van korte duur, niet langer dan een drie kwartier. Maar deze keer was het wat anders, tot ongeveer 4u ben ik wakker gehouden door het geknetter op m’n golfplaten dakje… Met een slaapkop begon ik dan ook aan een nieuwe dag, dinsdag, nieuwe sessies in de lagere school. Deze sessies verliepen een klein beetje anders, meer met handen en voeten, want er was geen leerkracht in de buurt om te vertalen. Maar ik heb zowel klas 3 als klas 5 een drietal kwartier kunnen bezighouden. Er werd opnieuw veel gelachen, dus ik was wel tevreden. Klas 5 heeft mij ook “Azonto” leren dansen… Een liedje dat hier blijkbaar heel in trek is, en iedere keer het op de radio was of ik in de basisschool was zeiden ze dat ik moest dansen. Mijn excuus van “ik kan niet dansen zoals jullie” kon dus niet blijven werken. Natuurlijk werd er gretig gelachen als ik mij aan het dansje waagde, maar achteraf heb ik toch een applaus gekregen. Het zijn allemaal zo’n schatten!

6th of March, Independence Day! Ik wist absoluut niet wat ik er van moest verwachten, maar het leek in ieder geval een grote dag te worden voor de mensen hier. De kinderen waren tenslotte al zeker een week aan het oefenen op het marcheren. Ik wist ook niet wat er ging gebeuren buiten “marcheren”. ’s Ochtends, na m’n ontbijt, ging ik naar de basisschool. Eerst werd het ochtendritueel gedaan: school schoonmaken (vegen, papiertjes wegdoen,…), nadien het gebed/liedjes. En uiteindelijk werd er nog een laatste, generale repetitie gehouden met de 25 à 30 uitverkoren leerlingen die mochten marcheren. Rond 9u werd de tocht ingezet. Het hele gebeuren vond plaats op het grasveld van de middelbare school, dus moest eerst nog naar daar gegaan worden. Niet “hup, rechtstreeks naar daar”, maar wel marcherend met veel muziek en eerst het dorp eens doorgaan zodat iedereen het gezien heeft. Ook de andere scholen (middelbare school, andere basisschool,…) kwamen door het dorp gemarcheerd. Zo was het ook onmiddellijk een teken voor het dorp dat het van start ging gaan. Als de hele stoet op locatie was kon het pas echt beginnen. Eén voor één liepen de marcherende scholen voorbij het publiek. Dat bestond uit de dorpsbewoners, leerkrachten, andere schoolkinderen (die niet meeliepen in de stoet) en enkele belangrijke mensen: twee belangrijke mensen in het dorp (vermoed ik) waaronder mijn gastvader Joseph één was en alle directeuren van de aanwezige scholen. Na het eerste rondje gingen de scholen mooi naast elkaar staan voor een gebed. Daarna gingen de twee belangrijke op “inspectieronde”. Ze liepen, voorgegaan door een marcherende leerkracht, rond de scholen en “inspecteerde” hen. De zin daarvan heb ik niet helemaal door… Daarna was het tijd voor het salueren. Joseph en de andere man gingen vooraan op een tafeltje staan. Opnieuw school per school deden ze hun ronde. Elk op hun eigen manier salueerden ze naar de twee vooraan, die natuurlijk terug salueerden. Wat opmerkelijk was tijdens het salueren, is dat de toeschouwers geld gaan geven aan de kinderen die ze het beste, mooiste vonden salueren, of die ze gewoon wouden belonen. Het belangrijkste was naar mijn mening dan voorbij. De tweede “belangrijke” man deed nog een te lange speech, en het gebeuren ging verder. Wat de bedoeling van het laatste deel was heb ik ook niet mee, maar van iedere school gingen er 2-3 leerlingen staan dansen. Het was een soort wedstrijdje: beste dansen en meeste geld verzamelen dat de toeschouwers opnieuw konden toestoppen. – Even ter informatie: Ayensuako Junior High School (JHS) (de middelbare school waar ik ook sessies zal geven) won. – Na de leerlingen was het de beurt aan de leerkrachten om hun heupen los te gooien en wat te dansen, maar deze hielden zich liever op de achtergrond en zijn de dansvloer niet opgekomen. Nadien werden nog allerlei mensen bedankt, waaronder ikzelf ook voor mijn aanwezigheid in het dorp en mijn hulp aan de scholen. Super vriendelijk… Na de bedankingen werd Independence Day afgerond door het volkslied dat gezongen werd en die Ghanese vlag die naar beneden werd gehaald. In grotere steden, zoals Accra (natuurlijk aan Independence Square), wordt 6 maart veel groter gevierd. Dan marcheren de politie, het leger,… Jammer dat ik dat niet gezien heb, maar het had absoluut zijn charme hier in het dorp! (Ik heb echt heel de voormiddag medelijden gehad met de leerlingen die moesten marcheren. Want ze hebben constant in de bakkende zon gestaan, en die scheen echt héél hard.)

Een nationale feestdag gisteren, een extra dagje vrijaf vandaag voor de scholen, maar voor mij was het er terug invliegen (en ik was er niet rouwig om, heb hier al lang genoeg niets gedaan). Donderdag, dus huisbezoeken. Na het ontbijt was ik terug naar mijn kamer gegaan om op de health workers te wachten. In die tussentijd wat praktische dingen neergeschreven (wat hier doen ivm eindwerk, wat vragen aan docenten wanneer ik volgende keer internet heb, wat mogen de vrienden meebrengen vanuit België wanneer ze mij komen bezoeken,…). Ik vond wel dat ze lang op zich lieten wachten… Tot ik uiteindelijk telefoon kreeg van Lydia om te zeggen dat ze op mij aan het wachten waren. Ik natuurlijk onmiddellijk vertrokken, bleek dat ik op hen mocht wachten… Nu ja, de huisbezoeken zelf lopen altijd volgens hetzelfde principe: vooral Lydia praat, heeft mijn plannen ivm de sessie family planning uitgelegd, ik zit erbij en Linda schrijft een paar dingen op. Ik vind het echt zo stom dat die mensen geen Engels begrijpen/spreken of andersom, dat ik geen Twi begrijp/spreek. Na mijn middageten ging ik wat naar m’n kamer, omdat Alice wou rusten. Onderweg kwam ik, zoals altijd, vriendelijke mensen tegen. En eentje, Noah, een oude leerkracht van mijn gastvader hier in de basisschool, was een rieten mand aan het weven. Ik keek gefascineerd toe en werd uitgenodigd om binnenkort het manden weven te leren. Kijk er al naar uit!

Ook vrijdag was ongeveer volgens hetzelfde patroon als de vorige: weging en inentingen van de kindjes in een naburig dorpje, deze keer Oshimpu. De health workers hadden me de dag voordien 8u30-9u gezegd, en natuurlijk was de altijd stipte Sandra weer mooi op tijd en als eerste. In die tijd was ik nog vlug even bij de JHS langsgegaan, want ik was vergeten wanneer ik maandag en dinsdag mijn sessies mag gaan geven. Blijkt dus dat ik een uurtje heb, wat dus wilt zeggen twee korte sessies zodat ik de vier groepen op de twee dagen kan zien. Bij de weging en inentingen kon ik de hele tijd weer niet veel doen. Als één van laatste kwam er een meisje (20 jaar). Lydia had eerst wat met haar gepraat en begon dan allerlei testjes te doen. Blijkbaar eerst een zwangerschapstest, die was positief, nadien HIV- en syfilistest, deze waren gelukkig negatief. Nadien werden haar gegevens in haar zwangerschapsboekje ingevuld en volgde nog de bloeddruk meten. Zonder enige ervaring mocht ik dat doen. Het werd me kort uitgelegd op wat ik moest letten. Natuurlijk was ik 3x verkeerd en heeft Lydia het zelf maar gedaan. Ze hebben me gezegd dat ze het me vaker gaan laten doen zodat ik dit na een tijd kan… Dus toch nog iets nieuws geleerd vandaag. Nadat alle moeders en kinderen weg waren hebben we alles ingepakt, en ging het snel over het verlovingsfeest van nurse Dianne. Zo ging het over dat ze mij moeten leren Afrikaans dansen, dat ik eindelijk eens fufu ga proeven, wat als cadeau geven, dat er ’s avonds een vrijgezellenfeestje was,… Ik kijk al uit naar een Ghanees feest!

Zaterdag 9 – zondag 10 maart 2013 * Regendans op een goed huwelijk
Zaterdag 9 maart 2013 is een speciale dag voor nurse Dianne, haar verloving werd gevierd met een groot feest, en ik was uitgenodigd! De dag voordien hadden de health workers mij gezegd dat Richard (een vrijwilliger hier in het dorp) samen met mij ging gaan naar Swedru waar het feest plaats vond. Daarbij hadden ze mij ook gezegd dat we tegen 10u gingen vertrekken, want dat het om 12u begon en je daar toch wel wat op voorhand moest zijn zodat alle gasten aanwezig waren als het koppel aankwam. ’s Ochtends toen ik me wou wassen had ik een akelige ontmoeting met 2 vleermuizen in de badkamer. Brr… Gelukkig was Sister Hannah in de buurt en heeft zij de twee ongewenste vrienden weggejaagd. Na dat en het ontbijt stond ik natuurlijk klaar om 10u om te vertrekken, maar nog niemand te zien… Dan kwam er iemand zeggen dat we om 10u30 gingen vertrekken. Goed, een half uurtje wachten is zo om… Dat half uurtje werd natuurlijk een uur. Ik schat dat we uiteindelijk rond 11u15 zijn vertrokken. Ik dacht dat we een rechtstreekse trotro hadden tot Swedru, maar in Nkwanta moesten we overstappen. De trotro’s naar Swedru bleken goed vol te zitten, want we hebben er eerst enkele moeten laten voorbij rijden eer we een hadden. Eens we terug onderweg waren duurde het niet lang vooraleer we terug aan kant stonden. De chauffeur was in een diepe put gereden waardoor er blijkbaar iets met de banden scheelden. Iedereen uitstappen en te voet (wat gelukkig niet ver was) naar het dichtstbijzijnde station (voor trotro’s en taxi’s). Eens we in Swedru waren moesten we nog een taxi nemen richting het hotel waar het feest plaatsvond. We waren goed op tijd, want er waren nog niet veel gasten… Na zeker een uurtje wachten waren de meeste gasten er en kwam ook het koppel aan. Nurse Dianne was bijna niet te herkennen met haar make-up, maar ze zag er wel mooi uit. Er was een live band aanwezig, ook de gasten zongen een paar liedjes, er werd natuurlijk gebeden, een presentator riep sommige mensen naar voor om iets te zeggen (natuurlijk moest obruni, ik dus, ook naar voor!), er werd veel alcohol gedronken door de Ghanezen (verschillende dranken werden bij elkaar gegoten en zo ontstond een nieuw drankje) en er werd uiteraard gedanst en veel gegeten (ze maken zelf ruzie wanneer ze aanschuiven voor het eten, wie er eerst stond enz., zo belangrijk is dat voor hen). Toen het koppel arriveerde kwamen de donkere regenwolken ook al aandraven in de verte, het duurde dus niet lang vooraleer het hevig begon te regenen. De regen verpeste het feest helemaal niet voor alle genodigden, want ze dansten gretig verder in de regen. Ook ik moest uiteindelijk mee op de dansvloer, in de regen. Binnen de kortste keren was ik doorweekt… De hele namiddag heb ik uiteindelijk bij Lydia en Linda en andere vrouwen gezeten, en arme Richard heeft heel het feest ergens apart gezeten. Toen ik even naar het toilet ging kwam hij vragen of we doorgingen. De arme stakker had het kou. Ik vond het absoluut niet erg, want wou graag droge kleren aantrekken. Onderweg begon ik het ook kou te krijgen, wat wil je dan ook: doorweekt en een trotro met alle raampjes open. Ik was blij dat ik mij kon wassen en droge kleren kon aantrekken. Het was een speciale belevenis zo’n verlovingsfeest. Ik zou het eigenlijk in drie woorden kunnen samenvatten: grootheidswaanzin, eten en alcohol.

Zondagochtend was ik opgestaan met het gedacht om nog eens naar de kerk te gaan, maar na het ontbijt zei Alice “Ik ben het je gisteren vergeten vragen of je vandaag naar de mis wou gaan, en nu ben je er niet op voorbereid, dus blijf je maar thuis”. Eerlijk gezegd vond ik het niet zo heel erg… Ben wel al benieuwd naar volgende week zondag, want dan gaan we naar de “Assemblies of God Church”, en op een ander moment gaan we ook eens naar de “Pentecostal Church”. Ze had van Adjeman namelijk gehoord dat het tof zou zijn voor mij om de verschillende kerken eens te bezoeken… Voor mij moest dat hier nu niet persé in het dorp, ik ging dat anders wel eens doen tijdens mijn rondreizen door het land, maar het is natuurlijk wel leuk om te weten in welke kerken de mensen hier in het dorp gaan… In de namiddag ging ik met mijn gastvader op familiebezoek bij zijn zus, in het dorpje waar ik met Mama en Alice was geweest voor de begrafenis. We hebben daar uiteindelijk niet lang gezeten. Op de terugweg keerde Joseph (of Assambleman of Honobo zoals iedereen hem noemt) ineens om, stopte bij een groepje jongens en riep één van hen tot bij hem. Blijkbaar moest die jongen een (seksistische) opmerking gemaakt hebben naar mij toe, en moest hij zich excuseren. Assambleman neemt het echt wel als een goede huisvader voor mij op… Zo reageerde hij ook redelijk bezorgd toen ik hem zei dat ik de volgende donderdag en vrijdag richting Kasoa ga bij Linda, één van de health workers. Hij vroeg onmiddellijk of Adjeman daarvan op de hoogte was. Toen ik vroeg waarom dat zou moeten zei hij dat hij het niet zo graag heeft dat iemand mij zo privé uitnodigt, hij zei ook dat moest ik een verlovingsfeest al eens meegemaakt hebben hij ook liever had gehad dat ik de vorige dag niet was gegaan. Maar omdat het allemaal nieuwe dingen zijn voor mij, wil hij mij dat natuurlijk laten ontdekken. Ik heb hem vriendelijk bedankt voor de bezorgdheid, maar ook gezegd dat ik in België niet altijd thuis zit. Dat we de ene dag daar zitten, de andere dag ergens anders… Ik heb er echt alle respect voor hoe zij hier leven en probeer mij zo goed mogelijk aan te passen (en denk dat ze daarvan niet kunnen klagen), maar ergens vind ik ook dat ze zich een beetje moeten aanpassen aan hoe ik ben.

Maandag 11 – vrijdag 15 maart 2013 * De tijd vliegt
Deze week, maandag en dinsdag, was het aan de Junior High School (middelbare school) dat ik activiteiten ging geven. Jammer genoeg kon dat enkel van 13u tot 14u. Nooit genoeg tijd om de 3 klassen, 4 groepen te zien.

Maandagochtend maar mijn wekelijks handwasje gedaan. Ik kijk er toch echt naar uit om mijn kleren eens goed te wassen in het wasmachine. Echt heel proper krijg ik alles niet. En ik doe er super lang over om alles te wassen. In de tijd dat ik mijn kleren van een week heb gewassen, hebben de vrouwen/meisjes hier al 5x die hoeveelheid gewassen. Maar ik had toch tijd tot 13u, dus moest mij niet haasten.

Assambleman is aan de rand van het dorp een huis aan het bouwen, en nu ze uit hun “huurhuis” moeten, wordt er wat meer vaart achter gezet. Iedere middag wordt daar dan ook eten gebracht naar de werkmannen en eten we allemaal daar. Eigenlijk wel leuk om iedere dag de vorderingen te zien. En ik vind dat ze echt wel goed doorwerken in die hitte, zeker omdat ze maar met 2 zijn die de stenen echt zetten (de anderen zijn eigenlijk de hulpjes en loopjongens).

Na de middag ben ik dan voor een uurtje naar JHS gegaan. De directie en leerkrachten waren aan een teamvergadering bezig, dus ik moest even wachten tot ik kon starten. Wat dus wou zeggen, nog minder tijd dan het kleine uurtje dat ik had. Uiteindelijk ben ik tegen 13u20 van start gegaan: werken met emoties, beetje acteren. Deze leerlingen van groep 4 begrepen mijn Engels gelukkig beter, maar toch hadden ze het soms moeilijk met mijn uitspraak van bepaalde woorden… Enkele onder hen waren goede acteurs en actrices, anderen waren meer aan het lachen of durfden niet meedoen. Hopelijk kan ik ze volgende keren meekrijgen.

Dinsdag in de voormiddag stonden er huisbezoeken met de health workers op het programma in het dorpje “Njame Bentwe”, het dorpje waar we door moeten wanneer we naar het cassaveveld gaan. Het is al een klein dorpje, en aangezien het daar ook allemaal farmers zijn was er natuurlijk amper iemand te bespeuren. Na één familie te hebben aangesproken keerden we dan ook terug. Op de terugweg vroeg Lydia of we die weg ook stapten wanneer we naar de farm gingen, want ze vond het toch wel ver. Om even een vergelijking te maken, het is niet verder dan van aan de HUB tot het Centraal station in Brussel. Absoluut niet ver dus, maar zij vond van wel. Het middagmaal werd terug op de ‘site’ (bouwwerf) genuttigd. Daar was ik het uur uit het oog verloren, want ik moest me haasten om op tijd in de JHS te zijn. Hier speelt tijd natuurlijk niet zo’n belangrijke rol als bij ons, dus ze zeiden er dan ook helemaal niets over dat ik een paar minuutjes te laat was. Volgens mij had ik nu groep 5, die waren best met veel dus werden ze opgesplitst. Enkele onder hen hadden opnieuw niet veel zin of durf om zich te laten gaan in de opdrachten, anderen wouden wat “opscheppen” bij obruni, eentje vroeg bijvoorbeeld iedere keer nadat hij iets gedaan had of het heel goed was. Toen ik in zijn spelletje meeging en zijn prestaties positief bevestigde ging de hele klas natuurlijk uit z’n dak. Ook wanneer ik iets voordeed gingen ze enthousiast tekeer. Die paar korte momenten op school zijn me tot nu toe al veel beter bevallen dan de huisbezoeken. Na de sessies was ik nog even dag gaan zeggen in de leraarskamer en moest ik even gaan zitten van onderdirecteur Alex. Hij wou weten hoe het mij bevalt hier in Ghana, wat ik al gezien heb, wat ik nog wil en ga zien,… Hij zei ook dat hij van de Voltaregio is waar de watervallen van Wli zijn, de hoogste berg, de “caves” (soort grotten, slaapplaatsen in rotsen), aapjes,… Dingen die ik allemaal wel graag wil zien. En die ik nu ga zien dankzij hem, als het weer het toelaat en ik vrij ben gaat hij me een paar dagen rondleiden in zijn geboortestreek.

Dinsdagochtend had Lydia, health worker, tegen me gezegd dat zij er woensdag niet zou bijzijn bij de huisbezoeken in Ayensuako, maar dat het Linda en Richard (de vrijwilliger van in het dorp) zouden zijn. Zij zouden dan ook de mensen hier in het dorp vertellen over mijn health education rond family planning die ik donderdag 14 maart zou geven. Zoals altijd zat ik woensdagochtend op hen te wachten, maar deze keer bleef ik wachten… Niemand gezien, van niemand iets gehoord, en ik kon hen zelf ook niet bereiken, want ik had zowel Linda’s als Richard’s nummer niet. Na het middageten ben ik richting Kasoa getrokken. Ik had dinsdagavond een telefoontje van Pauline gehad met de vraag of ik mee wou gaan met haar, Iris, Anne en Agyeman naar de King (de big chief, chief van heel de regio Awutu). Ik was blij om nog eens weg te kunnen en onder andere mensen te zijn. We waren bij de man thuis uitgenodigd in de buitenrand van Accra (juist in de rand als je van Kasoa naar Accra rijd), en de ontmoeting met hem was heel aangenaam. Een zeer sociale, vriendelijke man. Het ging er misschien ook allemaal iets losser aan toe omdat Agyeman familie is van hem… De King vertelde dat hij 32-33 jaar in Duitsland had gewoond, hoe hij King is geworden, hoe hij zich daarbij voelt, wat hij heeft moeten opgeven, hoe het leven als King eraan toe gaat,… Ver op het einde van ons bezoek werd ons cadeau (een fles whiskey) voor hem afgegeven en werden enkele foto’s gemaakt. Toen we buiten waren begon de zon al onder te gaan, ik zou dus weer in de pikkedonkere thuis zijn. Het duurde een tijdje vooraleer we een trotro konden bemachtigen. Alle trotro’s die van Accra komen zitten natuurlijk vol en we waren daarbij ook nog eens met zes. Uiteindelijk toch eentje kunnen vastkrijgen. Toen we bijna in aan het trotrostation in Kasoa waren zijn we uitgestapt en te voet verder gegaan, want we stonden meer stil door het drukke verkeer dan verder te rijden. Aan het station werd weer afscheid genomen van iedereen, behalve Iris ging met mij de trotro nemen (zij woont net buiten Kasoa richting Swedru, de kant waar ik uit moet). We hadden enkele mensen gevraagd of de trotro richting Swedru wel de goede was voor ons, zij bevestigde dit, maar eenmaal hij vertrok, reed de auto de andere kant uit. Na heel wat gediscussieer van de andere passagiers met de chauffeur (in ons voordeel) zijn we toch kunnen uitstappen. Dan begon het wachten… Er stond een rij vol mensen om een trotro te bemachtigen naar waar wij moesten. Toen er na een kleine 10 minuten eentje aankwam begon ze bijna te vechten om er als eerste in te zitten. Natuurlijk was er niet genoeg plaats voor iedereen, ook niet voor ons, en moesten we dus wachten op een volgende. Die volgende trotro kwam maar niet… Na een 15-20 minuten wachten riep er een taxichauffeur vanuit zijn raampje mijn naam en vroeg of ik naar het dorp moest. Ik zei dat ik inderdaad naar daar moest, maar herkende de man echt niet, dus nadat hij moest verder rijden schonk ik er ook geen aandacht meer aan. Iets later stond hij ineens naast Iris en mij, en had hij mijn gastvader aan de telefoon. Een heel heen en weer gepraat, maar de vriendelijke man heeft uiteindelijk de hele rit van Kasoa naar Ayensuako gedaan, met een tussenstop in Ofaakor waar Iris woont. Doordat ik mijn gastvader aan de lijn had gehad ben ik maar meegegaan, maar anders zou ik het hele zaakje niet vertrouwd hebben. Onderweg had ik wel even mijn bedenkingen, want de weg die hij volgde herkende ik niet (en dat kwam niet alleen omdat het pikkedonker was), dus even dacht ik van “Oh, oh, waar gaat die met mij naartoe?”. Maar ik wist wel dat er een andere weg was van Bawjiase naar het dorp, zonder Nkwanta te moeten passeren. En inderdaad, het bleek die weg te zijn. Een weg waar je u precies op safari waant, een stoffige zandweg met grote putten en heuveltjes… Rond 20u15 werd ik door de vriendelijke chauffeur voor de deur afgezet. Hij had met mijn gastvader 15 cedi afgesproken (wat volgens mij veel onder zijn normale prijs is), maar ik heb de man wat extra gegeven omdat hij speciaal voor mij die hele rit heeft gedaan, terwijl dat volgens mij totaal niet op zijn route lag die hij normaal doet. Tot op vandaag weet ik nog steeds niet wie die man is, misschien ook omdat het pikkedonker was en ik die Ghanezen dan helemaal niet herken, maar blijkbaar kent hij Assambleman heel goed en heeft hij daarvoor een vriendendienstje gedaan. Het heeft nog zo zijn voordelen, obruni zijn, iedereen kent u…

Donderdagochtend, 8u, was het dan zo ver. Ik was best wel wat zenuwachtig om de health education over family planning te geven, de inhoud is tenslotte niet mijn vakgebied. Ik was goed op tijd gegaan zodat ik iedereen kon ontvangen, maar wat ik ergens gevreesd had werd waarheid: niemand kwam opdagen, zelf de health workers waren nergens te bespeuren. Rond 9u kreeg ik telefoon van Linda dat ik naar de ‘cementary shop’ moest gaan, daar zat ze te wachten op Lydia samen met Richard. Ondertussen had ik ook van Iris een smsje gehad dat ze samen met Anne en Agyeman toch onderweg waren omdat ze mijn dorp wel eens wouden zien. Tegen 9u30-10u kwamen ze aan en iets later waren ook Lydia en nurse Getty er. Ik had de dag voordien tegen Agyeman gezegd dat ik mij bij de huisbezoeken wat onnuttig voel, en er werd dan ook nog eens met z’n allen gepraat over mijn opdracht. Ik heb een extra dag voor de scholen (zodat ik alle klassen in dezelfde week kan zien), en de health workers en Richard moeten mij introduceren in de verschillende groepen in het dorp. Dat blijken er meer te zijn dan Assambleman mij in het begin had doorgegeven, en waarvan ik nog altijd geen enkele heb ontmoet. Nadat dit allemaal nog eens duidelijk werd gemaakt hebben we een kleine wandeling gemaakt in het dorp, want daarvoor kwamen Anne en Iris natuurlijk. We gingen eerst naar de Ayensu, de rivier die zelf ik na meer dan een maand nog niet heb gezien, dan even binnen in Chief’s Palace, en dan door het dorpje Oshimpu richting JHS. Onderweg zeiden vele goeiedag en zeiden daarbij mijn naam, Agyeman vond het merkwaardig dat ik hier zo bekend ben en was aan het grappen dat er een groot billboard van mij moet komen aan het begin van het dorp. Ik vind het persoonlijk niet zo vreemd dat ze mij kennen, ik zit hier dag in dag uit, geef op de scholen sessies, ben de enige blanke in deze kleine dorpjes. Het is logisch dan dat ze mij hier dan kennen, zeker in vergelijking met een stad als Kasoa. Nadat ze terug richting hun eigen huisje gingen, moest ik op Alice wachten want zij was ’s ochtends naar de Eastern Region getrokken om een vriend op te zoeken. Ze ging me bellen wanneer ze thuis was, maar er kwam maar geen telefoontje… Tegen 16u30, na een middagdutje, ben ik maar richting het huis op de top getrokken en daar trof ik enkel Sister Mama en Anita aan. Een klein half uurtje later kwam Alice dan toch ook aan, en ze bleef zich maar verontschuldigen tegen mij dat het zo lang duurde. Ik heb haar gezegd dat ze vrij is om te doen en te laten wat ze wil en aan mij geen verantwoording moet afleggen. Toch vond ze het vervelend dat ze mij geen middageten had kunnen maken. Ikzelf vond het niet zo erg, heb hier door de warmte toch nooit honger. Na het eten gingen zij hun zoals altijd wassen vooraleer ze mij naar mijn kamer escorteerden. Maar anders dan normaal deed Alice opnieuw haar gewone kleren aan ipv haar slaapkledij. Uiteindelijk bleek het dat haar vriend van de Voltaregio was aangekomen. Daar werd al de hele week heel wat over gedaan tussen Sister Mama en Alice, ergens heel puberaal… Ze zijn gewoon vrienden, maar denk dat ze wel meer willen, en Sister Mama vind het dan leuk om Alice daarmee te plagen. Voor hem was het dus dat ze zich had opgekleed. En onderweg naar mijn kamer hielden we dan ook halt, want hij wou mij ontmoeten. Na een korte kennismaking ben ik gewoon gaan slapen.

Vrijdag is weeg- en inentingdag in één van de dorpjes, ook wel CWC genoemd. Deze keer was het in ons dorpje, Ayensuako, zelf. Na het ontbijt was ik wat gaan werken voor school (logboek updaten enz.) en wachtte ik op een telefoontje van Lydia of Linda als ze er waren voor de weging. Normaal gezien komt dat altijd rond 9u, maar deze keer niet. Tegen 9u30 had ik nog niets gehoord dus besloot ik maar zelf eens te gaan kijken naar de plek. Bleek dat ze al bezig waren… Ik had eerst het gevoel dat ze mij niets had laten weten wegens het gesprek gisteren met Agyeman, want denk dat ze het gesprek niet zo leuk vond (Agyeman heeft haar namelijk gezegd wat ze moest doen enz, dat ik geen health worker ben maar sociaal werker). Donderdag tijdens het gesprek was ook gezegd dat ik mijn health educatie dan maar tijdens de CWC moest doen. Uiteindelijk was ik beginnen helpen met de kindjes wegen en zag ik dat Lydia zelf met health educatie bezig was over family planning, hetgeen ik normaal ging doen. Ik heb ze maar laten doen, want uiteindelijk weten zij veel meer over die topics dan ik. Achteraf vroeg ze dan waarom ik mijn educatie niet gegeven had. Toen ik het haar zei dat zij ermee begonnen was zei ze dat ik moest overnemen. Wanneer de CWC gedaan was, alles was opgeruimd en de mama’s en kindjes weg waren, heb ik gezegd dat ik mij niet vertrouwd voel met die thema’s en dat ik het een beetje dubbel werk vind dat ik mijn beperkte uitleg in het Engels zou doen (terwijl niemand mij verstaat) en zij het dan eens zouden vertalen in het Twi. Het is misschien niet echt professioneel van mij, maar ik hou mij liever dan bezig met de weging en de groep ondertussen wat te bestuderen en hoe de health workers impact hebben op de mama’s.

Tegen 13u30-14u was de CWC eindelijk gedaan en kon ik gaan eten. Ik had al een vermoeden dat Alice ging vragen waarom ik zo laat was, en dat was inderdaad het eerste wat ze zei toen ze me zag. Het was veel te warm weer om te eten, dus na een kleine lunch trok ik dan ook met m’n fototoestel richting JHS naar de sportactiviteiten. In de tijd dat ik onderweg was kwamen de regenwolken al aandrijven. Ik was nog maar net aangekomen of de stormachtige regenbui begon al. Ik heb dus niets kunnen zien van de wedstrijden en heb enkel maar geschuild tot de regen gedaan was. Tijdens het schuilen wat foto’s genomen van Anita’s (mijn Ghanese zus) vriendjes en vriendinnetjes (die wouden dat zo graag) en wat met enkele leerkrachten gepraat.

Het is me daar ook opgevallen hoe groot het verschil in kennis van Engels is tussen de leerkrachten van de lagere school en de JHS. Die van de lagere spreken in het Twi of Fante tegen elkaar en hun Engels is duidelijk minder, en de leerkrachten van JHS spreken zo goed als altijd in het Engels tegen elkaar. Dat versterkt mijn gevoel alleen nog maar dat ze in de lagere school veel dingen in het Twi uitleggen aan de kinderen ipv heel het lesgeven in het Engels te doen, zoals ze normaal gezien zouden moeten doen.

De hoeveelheid water die er uitviel liet duidelijk merken dat het regenseizoen begonnen is. Het regenen heeft zo z’n voor- en nadelen. Een voordeel is dat het dan afkoelt en zalig slapen is dan, niet in een snikhete kamer. Een groot nadeel is dat het dan binnen regent in m’n kamer, want m’n golfplaten dakje is niet overal even waterdicht. En als het iedere keer zo hevig gaat regenen, dan is iedere keer de kamer waar mijn bed staat volledig nat. Gelukkig niet mijn bed, maar wel eronder aangezien dat de vloer niet waterpas ligt. Ook is er een nieuw plekje dat nat wordt in de andere kamer, dus heb mijn spullen weer wat moeten verplaatsen naar drogere oorden. Deze keer waren gelukkig alleen m’n slippers nat. Ach ja, het regenseizoen hoort er nu eenmaal bij, en het is ook zo dat het de laatste jaren niet meer alle dagen regent, dus dat scheelt ook al veel.

Zaterdag 16 – zondag 17 maart 2013 * Weekendje thuis met veel sensatie
Ik had zaterdagochtend echt een gevoel van willen uitslapen toen ik wakker werd om 5u30. Maar dat gaat hier niet zo goed, en Alice zat toch op mij te wachten voor het ontbijt. Iets later dan normaal, 7u15, was ik in het huis op de top om te ontbijten. Ik wist totaal niet wat ik ging doen vandaag, en het zag er naar uit dat het maar een heel rustig dagje ging worden…

Maar tegen 9u30-10u begonnen Sister Mama en de norse buurvrouw (van wie ze de kamer huren) tegen elkaar te roepen. Sister Mama stond in de veranda, de buurvrouw zat voor het huis, op een gegeven moment komt de buurvrouw tot bij Sister Mama, beginnen ze nog wat luider te roepen en worden de gebaren ook groter en heviger. Ik zat er maar wat naast, wou er eerst niet te veel aandacht aan schenken, maar toen ze elkaar letterlijk in de haren vlogen en naar de keel grepen ben ik toch maar rechtgestaan en heb ze proberen stoppen. Ondertussen waren er een zevental andere buren bijgekomen en hebben de twee uit elkaar kunnen trekken. Het geroep en gescheld ging nog een tijdje door, en de plukken haar lagen op de grond als resultaat van het gevecht. Wij hebben uiteindelijk de deur van de kamer gesloten en zijn allemaal bij Assambleman’s vader gaan zitten. Assambleman is wat later samen met Sister Mama naar de politie gegaan om aangifte te doen. Tijdens hun afwezigheid vroeg Alice me of ik de reden wist van het hele gebeuren. Ik had er zelf niet naar durven vragen, maar vond het toch wel “leuk” om te weten, dus liet het mij vertellen. Anita was afgelopen maandag vroeger van school gegaan met maagklachten en is dan met Assambleman naar het ziekenhuis gegaan in Bawjiase. Blijkbaar moet een leerkracht tegen Dimama, de dochter van de buurvrouw, gezegd hebben dat zij de reden is van Anita’s ziek zijn en Anita’s maagklachten. (Waarom zeg je toch zoiets als leerkracht vroeg ik mij onmiddellijk af!) Maar daarvoor was de buurvrouw dus beginnen roepen en wat later ook beginnen vechten met Sister Mama. Volgens mij was dat gewoon de druppel bij beide partijen, de echte oorzaak ligt naar mijn mening bij het feit dat de buurvrouw mijn gastgezin gewoon niet kan uitstaan en hen zo snel mogelijk uit het huis wilt. Het was uiteindelijk al tegen 13u als we terug naar het huis keerden zodat Alice aan het eten kon beginnen. Wat later kwamen ook Assambleman en Sister Mama terug in het gezelschap van de politie. Deze wouden natuurlijk ook het verhaal van de buurvrouw horen en duidelijke afspraken maken. Blijkbaar heeft de buurvrouw de waarheid wat zitten verdraaien in haar verklaring tegen de politie, want ze heeft zitten zeggen dat Sister Mama naar haar was gegaan, maar dat was dus omgekeerd, zij was diegene dat naar Sister Mama is gegaan. De hele dag draaide dus om het vrouwengevecht in de ochtend, en de sfeer was er dan ook naar… Ik probeer me in heel de zaak niet te bemoeien, maar denk er in mezelf natuurlijk wel het mijne van. (Zo ben ik hé! Mij vaak op de achtergrond houden maar toch mijn mening hebben!)

Zondagochtend was een dag van andere sensatie. Vandaag zou ik met Alice naar een andere kerk gaan: Assamblies of God Church. De dag voordien had ze mij gezegd dat we tegen 7u zouden gaan. In principe beginnen ze om 5u30 tot 9u-10u, maar dat vond ze zelf wat te lang. Mijn wekker werd dus iets vroeger gezet. Ik was eigenlijk wel benieuwd of het een wat actievere misviering ging zijn dan diegene die ik in de Catholic Church heb meegedaan. En ik was er nog maar net en zag dat dat inderdaad het geval was. Ik vind het moeilijk te omschrijven hoe het was, maar het ging er heel plezierig aan toe, er werd gedanst, gepreekt in een microfoon, héél veel gezongen, live muziek gespeeld op een drum, keyboard en percussie én immens veel “Amen” en “Halleluja” geroepen. Natuurlijk werd ik weer hartelijk welkom geheten, moest ik mezelf in de microfoon voorstellen en werd ik uitgenodigd om iedere week langs te komen. Het leek uiteindelijk echt niet dat we daar twee uur hebben binnen gezeten. Volgens mij zouden ze in België meer volk naar de kerk kunnen halen wanneer ze op deze manier de misviering verzorgen…

Nadien werd er voor de verandering nog eens gerust en naar een film gekeken. Gelukkig was het deze keer geen Ghanese, want die vind ik op niet veel trekken, maar eentje die zich in Londen afspeelt. Na de film, ongeveer middag, vond ik het wel welletjes geweest om binnen te zitten en ben mij alleen in de veranda gaan zetten. Daar was het tenminste wat koeler dan binnen.

Stiekem ben ik blij dat ik volgende weekends niet in het dorp zal zijn (volgend weekend naar Accra om het visum te verlengen en de 2 weekends nadien zijn de vrienden hier), want hier is niet veel te doen. Iedereen rust zoveel… Ik word er alleen maar moe van ipv uitgerust. En natuurlijk kijk ik super hard uit naar de komst van Nicky, Lien, Gil & Bart. Het zal de batterijen wat extra opladen voor de tweede helft van de stage… Niet dat die plat zijn, want buiten die mindere dag in de eerste week hier in het dorp, heb ik nog geen mindere dag gehad. Natuurlijk mis ik iedereen wel van het thuisfront, maar dat is normaal, buiten dat gezonde gemis geniet ik van iedere moment en vermaak ik mij hier best! Zeker omdat ik gehoord heb dat het in België zo lang koud is geweest en zoveel heeft gesneeuwd, geniet ik hier extra van het zonnetje en de tropische temperaturen.

En even een gezondheidsdetail: ik ben tot nu toe ook nog niet ziek geweest (hout vasthouden en niet te luid roepen!). “Halleluja”, “Amen”, zoals ze in de Assamblies of God Church zouden zeggen! Toen we laatst in Accra zaten en Marly tegenkwamen zei ze dat het in het Noorden wel een ander verhaal was, en vele vrijwilligers daar echt ziek zijn geweest, dat hun eten langs alle kanten eruit loopt.

Maandag 18 – donderdag 21 maart 2013 * Korte stageweek
Nieuwe week, nieuwe kunsteducatieve sessies, opnieuw aan lagere school. Ik had vorige keer de jongsten niet gehad, dus klas 1 was dan ook mijn eerste groep. Het werd me snel duidelijk dat ze helemaal geen Engels begrepen, dus dan maar overschakelen op een B-plan: tekenen. Ik wou ook met hen iets met “acteren” doen, maar aangezien ze mij niet begrepen toen ik iets zei over emoties, dan ben ik overgeschakeld op dieren. Die kon ik toch iets of wat tekenen. Tot mijn verbazing waren mijn leeuw, giraf en olifant goed gelukt. En heb ik ze een 45 minuten kunnen bezighouden met verschillende opdrachtjes om allerlei dieren na te doen… Het lesuur was om, dus ging ik wachten op de volgende klas bij de andere leerkrachten. De leerlingen hadden namelijk een eerste “break”. Die bleef maar duren en er zou ook geen volgende les komen, want de directeur zei me dat het lerarenteam een vergadering had in Bawjiase. Conclusie: school zo plots gedaan om 10u. Dat was dus een hele korte stagedag.

Na het middageten ben ik met Alice wat spullen gaan terughalen in een ander dorp, Mayenda (wat trouwens “let’s sleep” betekend). Het was een eindje stappen in die hitte, maar ik vond het niet erg, zo zaten we tenminste niet heel te tijd binnen op ons luie kont. Nadien dachten ze natuurlijk weer allemaal dat ik super moe was en moest rusten, maar ik was juist blij om eens weg geweest te zijn na zo’n weekendje in het dorp zitten.

Ze zijn hier in het dorp echt allemaal gastvrij. Zo heeft er iemand speciaal voor mij twee grote champignons komen brengen. Is het nu net toch datgene wat ik niet lust zeker. Heb het hen onmiddellijk gezegd dat ik dat normaal gezien niet lust, maar dat ik het wel wou proeven (je weet nooit hoe ze het hier klaarmaken en ik het ineens wel lust). Helaas, het heeft mij niet kunnen bekoren, zoals ik wel gedacht had…

Alice en Sister Mama waren dinsdag vroeg naar de farm vertrokken, voordat de zon te hard scheen, om te wieden. Tegen 7u werd mijn ontbijt op m’n kamer gebracht door Anita, wat een luxe. Als de lagere school bijna ging beginnen ben ik naar daar gegaan. Onderweg zag ik veel meer kinderen dan normaal in hun gewone kleren, dat was dus geen goed teken. Aan de school aangekomen was er niet veel beweging: een paar kinderen die aan het voetballen waren, alle klasdeuren gesloten en maar één leerkracht: geen school wegens “strike”! Blijkbaar was dit maandag ook al, en hebben ze dus niet vergaderd. “Strike” wil zeggen dat de leerkrachten staken. De reden van het hele staken is dat de leerkrachten niet genoeg betaald krijgen. Nu ja, het is niet dat de leerkrachten het staken erg vonden, want ik vind dat ze vaak met tegenzin in de school rondlopen en voor de klas staan. Dus dat kwam hen goed uit…

Toen ik van school naar mijn kamer ging om wat te werken, kwam ik nurse Getty tegen. Zij wou eerst in de basisschool inentingen geven aan de meisjes tegen baarmoederhalskanker, maar dat kon dan niet door de “strike”.  Ze was nu aan het wachten op de auto met de andere nurses om naar andere scholen te gaan. Dat was een mooie kans voor mij om mee te gaan, zo zag ik nog eens een andere plek, en zat ik niet gewoon te niksen in het dorp… We reden langs kleine veldwegjes naar een dorpje ver afgelegen, een echt typisch dorpje waar ze geen elektriciteit hebben. Gelukkig reden we met een grote pick-up, want anders denk ik dat we de putten, stenen en rivieroversteken niet heelhuids hadden doorgekomen. Natuurlijk werd ik in het dorpje aangekeken alsof ik weet niet wie was, die “obruni” hadden ze nog niet gezien. Maar de chauffeur trad op als mijn bodyguard, zelf in mijn dorp willen de kinderen mij aanraken, maar in dat schooltje liet de chauffeur dat niet toe. Ze kregen onmiddellijk een opmerking en werden weggestuurd. De inentingen waren snel gegeven aan de meisjes. Ik vond wel dat ze allemaal nogal heel fel overdreven, het leek alsof ze allemaal super veel pijn hadden (zelf nog voor de naald in de buurt van hun arm was geweest!). Ondanks dat het uitje maar een kleine 2 uur heeft geduurd, was ik toch wel heel blij om eens iets anders te zien en te doen, want na zo’n 2-3 weken in het dorpje zitten had ik wel nood aan verandering.

Woensdag was weer een nieuwe dag, normaal zou ik dus een extra dagje in de school gaan, maar aangezien daar nog steeds lustig verder gestaakt werd, was ik blij toen de health workers aan mijn deur kwamen. Toch nog iets te doen: huisbezoeken in het eigen dorp. Eerlijk gezegd waren deze leuker dan in de andere dorpen, want hier kent iedereen mij natuurlijk al en ontvangen ze mij echt met een super big smile op hun gezicht. Echt leuk! Lydia en Linda hadden er duidelijk niet veel zin in, want na 4-5 gezinnen zeiden ze dat ze moe waren en naar huis gingen. Kortom, weer niet veel meer gedaan. Geef mij dan toch maar het opgejaagd werken zoals we gewoon zijn in België, al dat gerust hier is niet aan mij besteed. (Allé, misschien wel voor even, maar niet voor een paar maand.) In de namiddag, toen Sister Mama en Alice terug waren van de farm, vroeg Anita (m’n zus hier) of ik mee wou gaan met haar naar een ander dorp. Alice vond dat niet zo’n goed idee omdat de zon veel te hard scheen, maar daar heb ik mij mooi even tegen verzet. Het maalmachine in ons dorp was stuk, dus moesten we naar een ander dorp met onze mais. In dat dorp (wat 3 dorpen verder lag) moesten we ook weer wachten, de man die de machine bediend was er niet. Toen hij even later gearriveerd was, was de elektriciteit uitgevallen, dus nog wachten. Uiteindelijk hebben we zeker een uur gewoon gezeten en gewacht (eerst op de man, dan op de elektriciteit). Ik had eigenlijk al lang een telefoontje van Alice verwacht waar we bleven, maar niets… Wanneer we thuis waren, denk ik wel dat Anita wat onder haar voeten had gekregen, maar tegen mij hebben ze natuurlijk niets gezegd.

Donderdag na het ontbijt onmiddellijk mijn handwasje gedaan want ik wou natuurlijk op tijd klaar zijn als de health workers er waren. Na het wassen, naar mijn kamer gegaan om hen op te wachten… Maar er kwam niemand. Geen health workers gezien. Ook mijn zus Anita liep wat niets te doen doordat ze natuurlijk geen school had. In de namiddag wou ze alle foto’s nog eens bekijken op mijn computer. Dus was ik met haar naar mijn kamer gegaan om te foto’s te tonen. Grappig dat ze denken dat ik de foto’s onmiddellijk kan printen. Maar jammer genoeg moeten ze daar even voor wachten.

Afgelopen week was dus een zeer rustige week. Ik hoop dat komende week wat actiever wordt, want al het rusten en af en toe werken ben ik soms een beetje beu. Ik wil actie, actie, actie!

Mijn verslag van het weekend krijgen jullie weer met een volgende blog, want ik denk dat jullie nu al meer dan genoeg te lezen hebben. Nog eens sorry daarvoor!!!

Tot snel (volgende week)!
Groetjes,
Sandra. x

1 opmerking:

  1. Hey Obruni!

    Als je het vele rusten en de warme temperaturen beu bent, wil ik altijd met je wisselen hè! :-)

    Leuk regelmatig eens van je te horen en je avonturen te kunnen lezen.
    Geniet er nog van!

    Groeten uit het nog maar eens ondergesneeuwde België,
    tot de volgende,
    grtz,
    Neefke.

    BeantwoordenVerwijderen